Ons Deugd Blog

Goede voornemens 2020

Het is weer de tijd van de goede voornemens en van gedragsverandering. We hebben er andere jaren over geblogd. Ondertussen hebben we enkele belangrijke publicaties over gewoontevorming geëtaleerd, zoals de Macht der Gewoonte van Charles Duhigg,  Super Better van Jane McGonigal , Elementaire Gewoontes van James Clear en Goede en Slechte Gewoonten (18 november 2019) van Wendy Wood. Dit is uitstekend materiaal om je te helpen goede gewoontes aan te meten en slechte door goede gewoontes te vervangen.

In de Verenigde Staten heeft onderzoekbureau IPSOS van 12- 14 november een representatieve steekproef van volwassenen gevraagd naar hun goede voornemens voor 2020. Van alle deelnemers aan het onderzoek wilde 51% die één of meer goede voornemens hadden gemaakt, hun financiën beter beheren en eenzelfde percentage wilde gezondere eetgewoonten ontwikkelen. Andere populaire voornemens voor het komende jaar gingen ook over betere gezondheid door een meer actieve levensstijl en gewichtsvermindering. 38% van de deelnemers wilde hun geestelijke gezondheid verbeteren of aan mindfulness doen, een teken van toenemende belangstelling voor deze aspecten van geestelijke gezondheid. Ondanks dat milieubescherming momenteel ook een populair onderwerp is, zei slechts 22% van de respondenten dat ze in 2020 meer eco-vriendelijk wilden zijn. 18 % van Amerikanen zeiden dat ze slechts één goed voornemen maakten, terwijl een verdere 20% zeiden dat ze er meer dan één hadden. Het percentage van mensen dat één of meer voornemens maakte, was het hoogst onder de Latijns-Amerikaanse bevolking met 56% .

Ik heb nog geen gegevens gezien over voornemens onder de Nederlandse bevolking. Die zullen waarschijnlijk voor een deel parallel lopen aan die in de V.S. Voornemens op het gebied van een gezonde levensstijl, zoals meer beweging, gezonder voedsel, gewichtsvermindering en minder verslaving, zullen zeker prominent zijn.
We hebben al vier werken aangegeven die gedegen advies verschaffen om betere gewoontes aan te leren. Meer gegevens daarover vind je op de blogs of bij extracten op deze website (www.deugd.net).

Wellicht ten overvloede staan hieronder de adviezen van de Dalai Lama (De Kunst van het Geluk, met Howard Cutler) over verandering van slechte naar goede gewoontes.
Het eerste wat je moet doen, zegt hij, is leren, doordrongen raken van de noodzaak te veranderen, bijvoorbeeld de risico’s van roken en overgewicht leren kennen. De volgende stap is het ontwikkelen van innerlijke overtuiging. Deze overtuiging dat je moet veranderen, gaat daarna over in vastberadenheid. Vervolgens zet je vastberadenheid om in daden. Vanwege een grote vastberadenheid kun je je voortdurend inspannen om de veranderingen daadwerkelijk in de praktijk te brengen. Deze factor van inspanning zou doorslaggevend zijn.
Het maakt niet uit wat voor gedrag je wilt veranderen, je moet altijd beginnen met het ontwikkelen van een krachtige bereidheid of wens om het te doen; je moet enthousiast worden. En hierbij is een gevoel van urgentie een bepalende factor. Dat kan geweldig veel energie geven.
Als we ons regelmatig inspannen, kunnen we elke vorm van negatieve conditionering doorbreken en ons leven op een positieve manier veranderen. Maar dat gaat niet van de ene dag op de andere. Een geestelijke ontwikkeling, diep van binnen, heeft tijd nodig.
Als een verandering zo langzaam plaats vindt, kun je ontmoedigd raken. Een mogelijke oplossing daarvoor is afstand nemen, en naar de lange termijn, het beoogde doel, in plaats van naar de korte termijn te kijken.
Als we ons langdurig inspannen om zichtbaar gedrag te veranderen, kan dat niet alleen helpen bij het afleren van slechte gewoontes, maar ook onze onderliggende houdingen en gevoelens kunnen hierdoor veranderen (innerlijke transformatie).
Bij een echte innerlijke transformatie is het belangrijk een langdurige inspanning te leveren. Het gaat om een geleidelijk proces. Er valt niet te ontkomen aan deze essentiële ingrediënten: vastberadenheid, inspanning en tijd. Dit, volgens de Dalai Lama zijn de ware geheimen die leiden tot geluk.

Hieronder nog het sprekende gedicht, toegeschreven aan Frank Outlaw, wat het levensbelang van goede gewoonten en deugden aangeeft:


Het draait allemaal om karakter
Let op je gedachten, ze worden woorden
Let op je woorden, ze worden handelingen
Let op je handelingen, ze worden gewoontes
Let op je gewoontes, ze worden karakter
Let op je karakter, het wordt je bestemming!

                      Een goede gewoonten en een gelukkig 2020

(Gracián, 1647).Geen joker zijn

                    

Het nadeel van alles wat uitmunt, is dat veelvuldig gebruik ervan tot misbruik leidt. Wat door iedereen wordt nagejaagd, wekt op den duur ook ieders ergernis. Nergens toe dienen is erg, maar even erg is het voor alles klaar te staan: zulke mensen verliezen door te veel te winnen, en worden ten slotte in dezelfde mate gemeden als zij aanvankelijk gezocht werden. Dit komt bij alle uitmuntende prestaties voor: als de achting voor het nieuwe ervan is weggeëbd, begint men het alledaags te vinden. Het enige middel tegen een dergelijke totale ommezwaai is maat te houden bij het uitblinken: hoog presteren, maar schaars presteren. Hoe feller een fakkel brandt, hoe korter de levensduur. Wie zelden optreedt, oogst veel applaus.

geen joker zijn

Gracián (1647). Zich zijn vijanden ten nutte maken

Men moet de dingen niet bij het lemmet pakken, waardoor men letsel oploopt, maar bij het handvat dat bescherming biedt. Dit geldt vooral voor zaken waar wedijver in het spel is. Een wijs man heeft meer voordelen van zijn vijanden dan een dwaas van zijn vrienden. Tegenstand prikkelt tot het verzetten van bergen waar men zonder mededinging voor was teruggedeinsd. Velen hebben hun grootheid opgebouwd op hun tegenstanders. Vleierij is gevaarlijker dan blaam; de eerste bemantelt alleen de vlekken, de laatste spoort ons aan hen weg te werken.
Een wijs man hecht meer waarde aan boosaardige dan vriendschappelijke kritiek en gebruikt de verwijten van zijn tegenstanders als een spiegel. Hij vindt dit de beste manier om fouten te voorkomen of te herstellen. Men is namelijk meer op zijn hoede als men mededingers of vijanden tot buren heeft.

Goede en slechte gewoonten

                                   

We hebben onlangs het interessante boek ‘Atomic Habits’ besproken. Kort daarna kwam ik een nog recenter ander boek over gewoontes tegen, en wel ’ Good habits, Bad habits’ van Wendy Wood. Een welkome verdere belangstelling voor het verschijnsel ‘gewoonte’, dat veel overeenkomsten heeft met het verschijnsel deugden. Zowel deugden als gewoonten zijn beide bijna automatisch gedrag. De teneur van de twee boeken is deels gelijk en deels verschillend. Er zijn geen tegenstrijdigheden tussen de twee, wel vaak bevestigingen van de één door de ander. Als je de vele waardevolle inzichten en methoden van beide boeken bij elkaar neemt, heb je een arsenaal aan manieren om gewoonten en deugden aan te kweken. De inzichten en adviezen zouden goed van pas komen bij eenieder die zijn gedrag en leven wil verbeteren. De traditioneel goede voornemens aan het begin van een nieuw jaar krijgen door deze boeken een veel grotere kans van slagen.

Ik haal enkele saillante passages uit ‘Good Habits, Bad Habits’ aan, ter illustratie en vanwege hun belangrijkheid. Hier en daar een kleine aanpassing.

Als mens zijn we niet totaal rationeel en onze geest is in zekere zin deelbaar. Beslissingen en wilskracht hangen af van onze faculteit ‘uitvoerende controle’ (Engels: executive control), het mechanisme in de hersenen, dat cognitieve processen bestuurt. Andere delen van onze geest bieden koppige weerstand aan deze uitvoerende controle. Deze laatste zijn speciaal geschikt voor het formuleren/opzetten van telkens terugkerende gedragspatronen, onze gewoontes. Gewoonten stellen ons in staat om gedrag dat we in het verleden getoond hebben, gemakkelijk te herhalen.
Goede en slechte gewoontes hebben dezelfde oorsprong. We controleren onze gewoontes niet op dezelfde manier als onze bewuste beslissingen. Voor eenmalig, afwisselend gedrag zijn bewuste beslissingen nodig. Maar bij handelingen die vaak herhaald worden hebben houdingen, plannen en voornemens weinig of geen invloed. De mythe heeft lange tijd stand gehouden dat voor doorzettingsvermogen er weinig anders nodig is dan sterke voornemens en wilskracht. Beslissingen en wilskracht, zijn top-down. Ze zijn niet de goede gereedschappen om ons voortdurend opoffering te getroosten om nieuwe doeleinden te bereiken. Dit zelfbewuste ik komen we dagelijks tegen.
Gewoontes werken zo soepel dat we amper aan ze denken. Ze zijn een soort tweede ik. Alleen als we een gewoonte willen controleren of veranderen, grijpen we in met executive control. De gewoontegeest is erg efficiënt, we reageren zonder na te denken op omgevingsprikkels, in een soort van opwaartse processing van de wereld zoals we die tegenkomen.

Iedereen, ongeacht type persoonlijkheid of leeftijd, schijnt ongeveer evenveel op gewoonten te leunen, volgens het gerapporteerde onderzoek iets meer dan 43 % van ons gedrag. Bijna alle gedrag kan gewoontenvormend gemaakt worden, hoewel onder sommige omstandigheden (opvoeding) en in sommige sectoren meer (hygiëne, arbeid ), meer dan andere (lichaamsoefeningen, ontspanning).
Het sleutelaspect van een gewoonte is dat ze functioneert buiten ons bewustzijn om. We denken gewoonlijk dat ons zelfbewust gedrag belangrijker is dan onze gewoonten.
De context, de omgeving doordringt het begrip gewoonte. Als de omgeving stabiel is dan herhaal je eerder gedrag automatisch.
We kunnen allemaal beter gebruik maken van de gewoonten die zo’n 43 % van ons gedrag vormen. We kunnen de diepgaande en productieve invloed van onze gewoonten synchroniseren met onze bewuste intenties en lange-termijn plannen.
Gewoontes zijn een soort handeling die relatief ongevoelig is voor beloningen. Doeleinden en beloningen zijn essentieel voor het opstarten van herhaald gedrag. Als we uit gewoonte handelen, roepen we beproefde antwoorden op eerder opgeloste problemen op.
Korte definitie van gewoonte: een automatisme in plaats van een bewuste motivatie, een automatisme dat zich ontwikkelt als we leren van herhaalde reacties.
Je gewoontegeest is actief en is niet kieskeurig over wat het leert. Je hoeft het alleen herhaling, beloning en omgeving te voeden.
Het gewoontegeheugen functioneert niet hetzelfde als andere geheugensystemen.
Actie als gevolg van gewoonte heeft voordelen. Het bevrijdt ons bewustzijn om dingen te doen waarvoor het ontworpen was, zoals het oplossen van problemen. Het executive system hoeft dan niet langer routinematig gedrag te managen.
Kennis als zodanig is geen rem op een volgroeide gewoonte. Door aparte, procedurele codering wordt een gewoonte beschermd voor abstracte kennis en oordeel.
Verandering begint met zelfbewustzijn. Het gewoontevormingsproces begint vaak met het nemen van een beslissing.
Het hart van onze mentale competenties heeft evenveel van doen met het aankweken van gewoonten als met het maken van plannen.
Gewoontes zijn essentieel voor het veranderen van lange-termijn gedrag.

Controle uitoefenen is maakt ons vermoeid, gestrest en overweldigt. Executive Control heeft ook alternatieve kosten omdat we maar op een beperkt aantal dingen tegelijk kunnen reageren. Als we ons te veel met één ding bezig houden moeten we andere, mogelijk meer belangrijke, zaken laten liggen. Gewoontes, in tegenstelling tot Executive Control, zijn relatief goedkoop. Het idee is om de automatische piloot van de gewoonte zoveel mogelijk in te schakelen, tenzij er een goede reden is om bewust in gedrag te interveniëren. Een kosten-baten analyse kan bepalen wat de meest efficiënte methode is. In principe moet je Executive Control karig gebruiken.
Volgens het boek schijnt uitstel van bevrediging een fundamentele, sociaal-cognitieve bekwaamheid te zijn, in omgekeerde zin verbonden met algemene impulsiviteit en rechtstreeks gerelateerd aan nauwgezetheid, Executive Control en bekwaamheid. Voorwaarde is dat de verleidingen zichtbaar zijn voor de persoon in kwestie. Deelnemers aan het gerapporteerde onderzoek met de hoogste scores in zelfbeheersing gaven aan dat ze zelden aan verleidingen en wensen blootgesteld waren.
Deelnemers die laag in zelfbeheersing scoorden hadden de meeste problemen. Moeizame zelfbeheersing is hun toevlucht. Zij genieten doorgaans niet de langetermijn voordelen van degenen met de hoge scores.
Sterke zelfbeheersers waren eenvoudigweg beter in het aankweken van automatismen. Het is dus vooral door het aankweken en handhaven van stabiele gedragsvormen, eerder dan door enkelvoudig gedrag van zelf-ontkenning, dat zelfbeheersing het meest effectief is. Gewoontes vervangen in wezen zelfbeheersing.

zelfbeheersing

Er zijn drie fundamenten voor gewoontevorming: context( omgeving), herhaling en beloning.
We hebben de neiging te onderschatten hoe zeer de omgeving ons gedrag bepaalt. In plaats daarvan benadrukken we onze interne besluitvaardigheid (introspectie illusie).
Totdat we een gewoonte in onze neurale netwerken en geheugensystemen hebben vastgelegd, moeten we bewust telkens weer een nieuwe handeling herhalen, zelfs als dat strijd oplevert. Op een bepaald moment, wordt het een tweede natuur, kunnen we achterover leunen en neemt de automatische piloot over.
Wanneer de herhalingshandeling op zijn moeilijkst is, net in het begin, is het gewoontegeheugen op zijn best.
Je kunt een gewoonteoefening voor een dag of twee zonder schade onderbreken. Gewoontevorming is niet zo fragiel dat het perfectie vraagt. Het vraagt om volharding, herhaling en contextuele manipulatie.
In een aangehaalde gewoontevormingsstudie vroegen verschillende types gedrag om een verschillend aantal herhalingen alvorens tot gewoonte omgevormd te zijn. Veertig keer was een optimistisch aantal. In een bepaald onderzoek was het 65 voor eetgewoonten, 59 voor drink- en 91 voor gewoonten van lichamelijke oefening.
Samen met de uitdaging om nieuw gedrag aan te leren, moet je ook nog eerder gedrag ontwennen. Er kan terugval komen. Herhaling van het nieuwe gedrag wordt dan extra nuttig. Na een poosje gaat conflict resolutie aan het nieuwe gedrag de voorkeur geven.
Gewoonten reageren snel. Dat geeft ze een voordeel, gunstig als het een goede gewoonte en ongunstig als het een slechte gewoonte is.
Snelheid in dit opzicht gaat samen met een ander gevolg van gewoontes: gestroomlijnde besluitvaardigheid. We houden op alternatieve acties in het oog te houden. Meestal, maar niet altijd, is dit efficiënt en functioneel.
Herhaling heeft ook een ander belangrijk gevolg: het verandert onze beleving van een activiteit, zodat die makkelijker lijkt.
De meesten van ons vertalen acties, door herhaling, in gewoonten om betere mensen te worden. Herhaling kan deze dingen automatischer maken en ons helpen ze meer te waarderen.
Tegen de achtergrond van de deugdfilosoof Aristoteles en de snelweg naar grootsheid en topprestatie, zegt het boek dat herhaling en uitmuntendheid niet hetzelfde zijn. Herhaling is nodig om uit te blinken, maar het is minder duidelijk dat het daarvoor voldoende is. Is Malcolm Gladwell’s 10.000 uur regel garantie voor succes of is er meer voor nodig, zoals aangeboren talent? Met meer oefening was men volgens een onderzoek beter in spel, muziek en sport, maar was nog 75% of meer van het succes te wijten aan andere factoren zoals aangeboren talent, kansen, en goede coaches. In onderwijs en beroep maakte oefening zelfs nog een geringer verschil.
De context effent de weg, herhaling start de machine maar je hebt beloning nog nodig om een gewoonte zelfstandig te laten werken.

beloning

Beloningen, om een rol in gewoontevorming te spelen, moeten groter en beter zijn dan wat je normaal ervaart. Onverwachte beloningen wekken dopamine op, een goed gevoel gevende, chemische substantie. Hoe groter een onverwachte beloning, hoe meer dopamine vrij komt.
Dopamine geeft een tijdschaal voor gewoontevorming. Beloningen moeten onmiddellijk ervaren worden nadat we iets gedaan hebben om gewoonteassociaties in ons geheugen op te bouwen. Gegeven deze timing zijn de meest effectieve gewoontevormende beloningen vaak intrinsiek aan een bepaald gedrag of een deel van de actie zelf. bijvoorbeeld het doen van een goede daad.
Beloningen kunnen ook extrinsiek zijn; een klassieke vorm is financiële beloning. Extrinsieke beloningen verdringen of ondermijnen ons gevoel dat we iets doen om andere, authentieke redenen. In de praktijk treedt vaak een mengeling van intrinsieke en extrinsieke beloningen op.
Gewoonten hebben een verrassingselement. Onzekere beloningen doen er het meest toe (gokken). Videogames zijn daar goed in, maar onderwijsspellen profiteren ook van dat principe.
Ongevoeligheid voor een beloning is een manier om vast te stellen of bepaald gedrag een gewoonte is. Als we gedrag een tijd volhouden zonder beloning is het een gewoonte.
Gewoonten worden gevormd op het moment, op basis van onze plezierervaring. De regel is eenvoudig: wat we aangenaam vinden! Kortom wij leren gewoonten aan wanneer onze handelingen ons herhaaldelijk meer plezier verschaffen dan onze neurale systemen verwachten.
Je ‘gewoontezelf’ heeft andere behoeften dan je ik-zelf.
Gewoontes floreren op basis van beloningsonzekerheid. Bovendien willen gewoonten geen verandering. Variatie verzwakt gewoonten, omdat stabiele omgevingen de absolute voorwaarde voor gewoonten zijn. Alleen door je omstandigheden zo consistent mogelijk te houden, kunnen je gewoonten groeien. Voor verandering in omgevingsprikkels moet je namelijk executive control inschakelen en nadenken. De voordelen van consequent gedrag en gewoonten kunnen geconstateerd worden in de resultaten van uitzonderlijke presteerders.
De prikkels die onze gewoonten activeren hebben een buitensporige invloed. We zijn niet zo maar slachtoffers van onze prikkels. We kunnen de kracht van duurzame prikkels gebruiken om via contextverandering gewoontes aan te kweken of te veranderen.
Een techniek van context consequentheid vloeit voort uit de situatie dat reacties zelf prikkels kunnen worden voor extra reacties. Dit behelst het stapelen of ‘piggybacken’ van gewoonten. Het verbinden van nieuw gedrag aan bestaande prikkels is een voordelige manier om een nieuwe gewoonte te vormen. Per slot van rekening bestaat het automatisme al. Deze stapelactie heeft het meest succes als het nieuwe gedrag met bestaande gewoonten harmonieert.
Een verwante strategie voor het bouwen van nieuw gedrag op bestaande prikkels is het vervangen van een bepaald gedrag door een ander gedrag.
Als je een activiteit met diverse componenten onderneemt en je voert ze elke keer op dezelfde manier uit, dan voegen je hersens die acties samen in een eenheid. De hele reeks wordt dan als één item behandeld
Het exploiteren van wrijving biedt een hele nieuwe manier om te denken aan gedragsverandering. Door contexten, die frictie in ons leven veroorzaken, te veranderen kunnen we leren om beloond gedrag automatisch te herhalen. Eerst moet je dan via executive control de contexten identificeren, wat niet altijd makkelijk is. Het levert lange termijn rendement op.
Een onderzoek toonde aan dat gedragsverandering door zelfbeheersing niet zo succesvol was als gedragsverandering door de context, de omgeving anders in te richten.
Mensen die hoog scoren op zelfbeheersing krijgen dat resultaat niet door wilskracht in te schakelen. In plaats daarvan vormen zij gewoonten die hun gedrag automatiseren. Gewoonten maken het makkelijker doelen te bereiken. Deze mensen bezitten niet alleen de kunst om weldadige gewoontes aan te leren. Zij begrijpen ook beter hoe ze van de context gebruik kunnen maken om hun gewoonten te vormen. Als je je omgeving beheerst, heb je tegelijk vat op je handelingen!
Goede gewoonten leiden niet alleen naar een productiever, maar ook naar een beter leven. Gewoonten zijn mogelijk de meest natuurlijke en effectieve manier om mindfulness te bereiken. Een gewoontegeest is een weldadige, gedachteloze geest. Zij sorteert taken naar hun juiste plek en delegeert naar gewoonten.

Overmatig denken maakt het moeilijker om positief te zijn en ook kan het beletten gewoontes aan te kweken. Overdenken houdt je wel flexibel.
In ons dagelijkse leven nemen we niet vaak de tijd om te experimenteren. We vinden dat iets goed genoeg werkt en houden het daarbij. Onze gewoonten kunnen verstoord worden door veranderingen in de omgeving: gewoontediscontinuïteit (b.v. ziekte, verhuizing). We moeten dan weer bewust denken en handelen. Hoewel mogelijk niet aangenaam, kunnen we dan wel open gaan staan voor verandering en dat kan zijn voordelen opleveren. Want de macht van de gewoonte heeft een dubbele wet: herhaling versterkt onze tendens tot handelen maar als we dat steeds meer te doen, verzwakken we de sensatie van de handeling. We raken er (teveel) aan gewend en blijven dingen doen terwijl ze mogelijk nutteloos of contraproductief zijn (geworden).
Als we eenmaal door hebben hoe discontinuïteit werkt, kunnen we diezelfde dynamiek selectief aanwenden om onze gewaardeerde gewoonten extra te beschermen en ongewenste gewoonten af te leren of te veranderen. Gewoontediscontinuïteit is een krachtig gebeuren. Het verandert de balans tussen gewoonten aan de ene kant en besluitvaardigheid aan de andere kant. Ontwrichting zet ons aan het denken!
Gewoonten zijn veilige havens in tijden van tegenslag. Ze worden niet aangetast door stress net zoals ons meer bewuste ik. In feite bloeien ze er door op.
Net zoals gewoontendiscontinuïteiten de prikkels voor gewoonteprestatie ontwrichten, zo ook verstoort stress ons bewuste zelf. De balans van gewoonte en bewustzijn verschuift dan ten gunste van gewoonten.
Onze capaciteit om bewuste beslissingen te maken is verre van robuust. Als we vermoeid of gestrest zijn, vallen we terug op onze gewoonten, of dat gedrag nu gunstig, nadelig of neutraal is.
Omdat de mentale scherpte bij ouderen afneemt, zijn gewoonten een welkome optie voor senioren. Vaste gewoontepatronen stellen ons in staat efficiënt te leven ondanks verminderde geheugencapaciteit en beslissingsbekwaamheid.
Gegeven dat besluitvaardigheid aangetast wordt door stress, vermoeidheid, afleiding of gebrek aan bekwaamheid, helt de balans van ons leven in het algemeen naar gewoonten. Een extra reden om goede gewoonten aan te kweken.

ook ritueel in sport

Een belangrijk onderscheid tussen verslaving en gewoonten is dat ze een ander beslag op ons bewustzijn leggen. Gewoontes installeren zich en we kunnen ze dan min of meer vergeten. Verslaving installeert zich en neemt ons leven over. Steeds meer van ons bewuste zelf wordt opgeëist door verslaving.
Een verder verschil is dat verslaafden doorgaans niet willen genezen. Niettemin speelt de context een belangrijke rol. Van de talloze verslaafde Vietnamveteranen gebruikte na enige tijd terugkeer in de V.S. nog maar 5% drugs. De thuisomgeving was totaal anders dan de in hoge mate gestreste oorlogssituatie in Vietnam. Hoe anders is dat met huidige verslaafden waarvan, zelfs na gebruik van de meest geavanceerde ontwenningsmethoden, zo’n 40 tot 60% weer terugvalt in hun gewoonte. Dit is in grote mate te wijten aan het conventionele drugsgebruik model, dat verslaving ziet als een chronische hersenziekte, gekenmerkt door dwangmatig drugsgebruik. Dit ziektemodel concentreert zich op de drug zelf en promoot drooglegging. Het boek verdedigt dan ook het aanwenden van alternatieve methoden gebaseerd op het exploiteren van de omgeving.
Een belangrijke regel voor gewoontevorming: de aanhouder wint! In het algemeen gaan we van de dingen houden die we herhaaldelijk doen. Er zijn diverse redenen waarom blootstelling tot houden van leidt. Eén ervan is vertrouwdheid. Er is ook het effect van voorspelbaarheid. Door gedragsherhaling worden onze ervaringen vloeiend en vlot. Met herhaling hebben we minder moeite om wat er gebeurt te begrijpen en evalueren. Onze voorkeur gaat uit naar wat we gewend zijn.
Efficiency is een andere reden waarom we van herhaalde ervaringen houden. Bekendheid (met gewoonten) geeft ook gevoelens van veiligheid, bijvoorbeeld in je eigen buurt.
Blootstelling aan gewoonten vindt plaats zonder dat we ons er rekenschap van geven. Als we handelingen herhalen, veranderen onze voorkeuren en wensen. We gaan de voorkeur geven aan de dingen die we telkens weer ervaren. Gewoonten, zo blijkt, vormen een tweerichtingsverkeer. Ze maken dat we onze doelen bereiken en ze worden onze doelen zelf (bijvoorbeeld thuiskomen).
Het is in de context van concrete religieuze gebruiken dat religieuze overtuigingen ontstaan. Rituelen zijn gegrondvest in herhaling en streng vastgestelde handelingensequenties. Maar rituelen hebben, verschillend van gewoonten, geen onmiddellijke beloning. In plaats daarvan moeten we ze zelf een betekenis geven en die toepassen.
Geloven in iets kan op zichzelf behoorlijk krachtig zijn, zoals het voorbeeld van placebo pillen aangeeft. Rituele praktijken en herhaling van handelingen hebben troostende kwaliteiten in tijden van verlies en onzekerheid.
Bepaalde gewoonten kunnen een lanceerbasis zijn om de positieve mentale status van bevlogenheid te krijgen.
Gewoonten zijn niet alleen individueel, maar kunnen wijdverbreid zijn, zoals drugverslaving en overgewicht. Wetgeving en dwangmaatregelen kunnen bijdragen aan de oplossing van dergelijke problemen, zoals bij roken. Porren of stootjes (nudges) kunnen ook helpen omdat ze gedrag op een voorspelbare manier kunnen veranderen zonder dwingend zijn, bijvoorbeeld in het geval van opt-outs bij orgaandonatie.
Een groot deel van onze levens verloopt via ons gewoonte-ik. Het beste is om bewust doeleinden te stellen om vervolgens zoveel mogelijk gewoontevormingsgereedschappen te gebruiken. Je deelt je leven dan in slimme contexten op met gebruik van de juiste dynamische krachten, wrijvingen en beloningen.
Je nieuwe gewoonte-rijk leven wordt beter om twee redenen. Ten eerste ga je meer gedaan krijgen. Ten tweede krijg je een eenvoudiger, meer geïntegreerde manier van leven. We kennen gewoonlijk niet de vele manieren waarop we dingen beter kunnen doen. Het is uitputtend en minder vruchtbaar om alleen op motivatie en wilskracht te leven.

smeden voor vrede en andere deugden

Elementaire gewoontes

James Clear heeft met zijn ‘Atomic Habits’ een prestatie van de bovenste orde geleverd. Het staat bij de New York Times ook op de nominatie als bestseller.
Hij beschrijft zijn boek als een praktische handleiding om goede gewoontes aan te kweken en slechte gewoontes af te leren. Hij definieert een gewoonte als een routine of gebruik dat regelmatig toegepast wordt; een automatische reactie op een specifieke situatie.
Het vervolg van deze blog bestaat voornamelijk uit extracten van zijn boek.
Gewoontes zijn geen deugden, want zij houden niet noodzakelijk rekening met ethische overwegingen. Niettemin maakt James Clear voortdurend onderscheid tussen goede en slechte gewoontes. Deugden zijn verder ook houdingen en in theorie nog geen handelingen. Aan de andere kant zijn echte deugden dermate onderdeel van de persoon dat zij, evenals gewoontes, bijna automatisch tot handelingen leiden.
De eerste stelling van Clear is dat, als je je gedrag wilt veranderen, je niet per se, of bij voorkeur zelfs niet, ambitieuze plannen of grote projecten moet ontwikkelen. Als je iedere dag 1 procent verbetert heb je je na één jaar 37 keer verbeterd door het verschijnsel van samengestelde rente. Je huidige verbeterstatus, zegt hij, is minder belangrijk dan de richting die je op wilt.
De basis van het boek is het vier-fasen-model van gewoonten: prikkel – behoefte, reactie en beloning, een geïntegreerd model van cognitieve en gedragswetenschappen.

   Je moet je minder op doeleinden richten en meer op systemen. De eerste zijn de resultaten die je wilt bereiken, systemen zijn de processen die naar de resultaten leiden. Doelen dienen als een richting gezien te worden. Want winnaars en verliezers hebben dezelfde doeleinden, een doel bereiken is alleen een momentane verandering en doeleinden beperken je geluksgevoel; eenmaal een doel bereikt, wil je naar het volgende doel. Ten vierde liggen doelen met lange termijn vooruitgang overhoop. Je moet niet opstijgen naar het niveau van je doeleinden, maar afdalen naar het niveau van je systemen!
Er zijn drie niveaus waarop veranderingen plaats vinden: resultaten (wat je krijgt), proces (wat je doet) en identiteit (wat je gelooft). Met identiteits-gebaseerde gewoontes beginnen we met wie we willen worden. Gedrag dat niet past bij je eigen identiteit, is niet duurzaam. De ultieme vorm van intrinsieke motivatie is wanneer een gewoonte onderdeel wordt van je identiteit. Echte gedragsverandering is identiteitsverandering. 

                         
identiteit, basis voor gedragsverandering

Je identiteit komt voort uit je gewoontes. De meest praktische manier om te veranderen wie je bent is te veranderen wat je doet.
Gewoontes zijn gewoon betrouwbare oplossingen voor terugkomende problemen. Met de vorming van gewoontes, neemt het niveau van onze hersenactiviteit af. Gewoontevorming is nuttig omdat het de hersens meer ruimte geeft zich met andere problemen bezig te houden. (En die hersens zijn van een one-track mind). Gewoontes leggen je dus geen beperkingen op, maar geven je integendeel meer vrijheid.
Gewoontevorming kent dus vier stappen. De prikkel zorgt ervoor dat je hersens gedrag initiëren, informatie verschaft die een beloning voorspelt. Behoeften, voor ieder verschillend, zijn de tweede stap en vormen de motivatie achter iedere gewoonte. De reactie is de actuele gewoonte, die de vorm van een gedachte of een handeling kan aannemen. De beloning, die volgt, is de vierde stap. Deze vier stappen vormen samen een neurologisch circuit, dat je in staat stelt automatische gewoontes aan te kweken.
De vier wetten van gedragsverandering zijn als volgt. (Tussen haakjes staat wat je kunt doen om slechte gewoontes af te leren).

  • Maak het opvallend (maak het onzichtbaar)
  • Maak het aantrekkelijk (maak het onaantrekkelijk)
  • Maak het makkelijk (maak het moeilijk)
  • Maak het voldoening gevend (maak het afstotend)

Omdat de prikkels die onze gewoontes aanspreken gewoon zijn geworden, vallen ze niet meer op. Daarom is het goed jezelf bewust te maken van je gewoontes. Dat kan door het opstellen van een gewoontetabel, waarop je je gewoontes inventariseert en ze categoriseert in wenselijk, onwenselijk of neutraal.
Om een nieuwe gewoonte te starten is het raadzaam een uitvoeringsplannetje op te stellen, vooral leunend op plaats en tijd, de meest frequente elementen in een uitvoeringsplan.
Het helpt meestal om een nieuwe gewoonte aan een al bestaande gewoonte te koppelen (habit stacking), ook omdat bij de laatste plaats en de tijd al zijn ingebouwd.
Clear denkt dat motivatie voor verandering gewoonlijk een te belangrijke plaats toegewezen krijgt. De omgeving is volgens hem belangrijker en die kun je gewoonlijk deels zelf inrichten om scherpere prikkels te krijgen. Doorzettingsvermogen, pit en wilskracht zijn essentieel voor goede resultaten, maar de manier om deze kwaliteiten te verbeteren is niet door jezelf meer discipline bij te brengen, maar door het scheppen van een beter gearrangeerde omgeving.

effectief om omgeving te arrangeren

De tweede wet gaat over het aantrekkelijk maken van een gewoonte. Gewoontes zijn gebaseerd op een door dopamine gevoed circuit. Dopamine speelt een centrale rol in veel neurologische processen, met inbegrip van motivatie, leren en herinneren, straf en afkeer en vrijwillige mobiliteit. Dopamine wordt niet alleen vrijgegeven wanneer je plezier ervaart maar ook als je erop anticipeert. Dit is de reden dat de verwachting van een gebeurtenis vaak beter voelt dan de gebeurtenis zelf. Het is het vooruitzicht van een beloning, niet de vervulling, die ons ertoe verleidt actie te ondernemen. Des te aantrekkelijker een gebeuren is, des te waarschijnlijker het leidt tot gewoontevorming.
Een manier om gewoontes aantrekkelijk te maken is om dingen die je moet doen te koppelen aan dingen die je graag wilt doen (verleiding bundelen).
Mensen adopteren de gewoontes van drie groepen in het bijzonder, te weten naaste familie en vrienden, groepen waar men lid van is en invloedrijke, machtige personen.
Ieder gedrag heeft een oppervlakkige behoefte en een diepere, onderliggende reden. Op het diepere niveau wil je onzekerheid en zorgen elimineren, sociale aanvaarding of goedkeuring verwerven of je status verhogen. Dezelfde prikkel kan zowel een goede als een slechte gewoonte oproepen, afhankelijk van het vooruitzicht wat ermee gepaard gaat. De oorzaken van onze gewoontes zijn in feite de verwachtingen die eraan vooraf gaan.
Je kunt lastige gewoontes veranderen door ze te associëren met een positieve ervaring Het enige wat dat soms vraagt is een kleine verandering van denkrichting, de voordelen benadrukkend in plaats van de nadelen. Je kunt altijd een rechtvaardiging vinden voor de gekozen denkrichting. Bij het afleren van slechte gewoontes kun je de nadelen ervan op de voorgrond plaatsen.
De meest effectieve vorm om een gewoonte aan te leren is door oefening, niet door planning. Het heeft weinig zin zich af te vragen hoe lang het duurt voor je een gewoonte hebt aangeleerd. Je dient eerder te vragen hoeveel oefeningen je nodig hebt hem onder de knie te krijgen.
Onze hersens zijn geprogrammeerd om energie te sparen wanneer dat mogelijk is. Hoe minder energie een gewoonte vraagt, hoe waarschijnlijker dat die plaats vindt. Schep een omgeving waarin het makkelijker is, minder energie vraagt, om goede gewoontes uit te oefenen; het tegendeel geldt voor slechte gewoontes.
Als je van plan bent een gewoonte aan te leren of te veranderen, neemt het enthousiasme vaak over en wil je teveel tegelijk doen. De effectiefste manier om dat te voorkomen is de Twee-Minuten-Regel, die zegt dat je in het begin er niet meer dan twee minuten soepel aan moet werken. Dat maakt het makkelijker om te beginnen. Je achterliggende identiteitsverandering werkt dan ook al mee.
Soms gaat succes minder over het vergemakkelijken van goede gewoontes en meer over het bemoeilijken van slechte gewoontes.
Je kunt de hulp inroepen van een belofte of toezegging, een keuze die je nu maakt die je handeling in de toekomst controleert. Dergelijke instrumenten zijn nuttig omdat ze je in staat stellen goede voornemens uit te voeren voordat je het slachtoffer van verleiding wordt. De beste manier om een gewoonte te verbreken is om het onmogelijk te maken ze uit te voeren. Daarbij kun je nuttig gebruik maken van automatisering en digitale faciliteiten.
De vierde wet van gedragsverandering is de kardinale regel dat je gewoontes voldoening moeten geven. Wat beloond wordt, wordt herhaald; wat afgestraft wordt, vermeden.
De eerste drie wetten van gedragsverandering, maak het zichtbaar, maak het aantrekkelijk en maak het gemakkelijk, vergroten de kans dat een bepaald gedrag nu wordt uitgevoerd. De vierde wet, maak het voldoening gevend, vergroot de kans dat het gedrag in de toekomst herhaald wordt.
Iedere gewoonte heeft meerdere gevolgen in de loop van de tijd. Ongelukkigerwijze staan die gevolgen niet altijd op één lijn. Met slechte gewoontes, bijvoorbeeld roken, is het onmiddellijke resultaat positief en het langetermijnresultaat negatief. Met goede gewoonten is het net omgekeerd.
Actualisering van de kardinale regel voor gedragsverandering betekent dat, wat onmiddellijk beloond wordt, herhaald wordt en wat onmiddellijk gestraft wordt, vermeden. De weg die in het algemeen het minst begaan wordt is die van de uitgestelde beloning. Evenwel, mensen die daar goed in zijn kennen hogere SAT scores, minder gebruik van verdovende middelen, minder kans op overgewicht, betere behandeling van stress en betere sociale omgangsvormen. Het is mogelijk jezelf te trainen om beloning uit te stellen. De beste manier om dat te doen is een zekere mate van onmiddellijk genot aan de lange termijn gewoonte toe te voegen en een zekere mate van pijn aan degene die geen beloning op lange termijn geven.

In een perfecte wereld, zegt Clean, zou de beloning van een goede gewoonte de gewoonte zelf zijn. Dit is het kenmerk van ware deugdbeoefening! In de praktijk, zegt de schrijver, voelen goede gewoonten als waardevol aan nadat ze iets opgeleverd hebben.
Hoe meer een gewoonte onderdeel van je leven is, hoe minder je behoefte hebt aan aanmoediging. Stimulansen kunnen een gewoonte opstarten. Identiteit betekent volhouden!
Je kunt de hulp inroepen van een gewoonte-volger (habit tracker). Dat is effectief omdat het meerdere wetten van gedragsverandering aanspreekt: het maakt gedrag zichtbaar, aantrekkelijk en voldoening gevend. Automatiseer tracking zoveel mogelijk. Je moet er wel voor zorgen het goede ding te meten en te voorkomen dat je je onnodig veel op de cijferresultaten concentreert.
Bij onderbreking in de keten van goede gewoontes, moet je zien te voorkomen niet meer dan één keer te missen.
Om productief te zijn, moeten de kosten van uitstel groter zijn dan de kosten van handelen. Er is een rechtstreekse manier om directe kosten te verbinden met een slechte gewoonte, namelijk een gewoontecontract. Publieke wetgeving is daar een duidelijke vorm van. Je kunt ook een contract met jezelf opstellen en anderen getuige laten zijn. Als je een gewoontecontract niet correct uitvoert zou je beboet kunnen worden.
De kracht van genetische erfenis is tevens zijn zwakte. Genen kunnen niet makkelijk veranderd worden, wat wil zeggen dat ze een sterk voordeel hebben in gunstige omstandigheden en een serieuze belemmering zijn in ongunstige omstandigheden. Genen bepalen niet je noodlot, ze bepalen de terreinen waar je een voorsprong hebt.
Een van de beste manieren om zeker te zijn dat je gewoontes voldoening blijven geven op de lange termijn, is om die gewoontes te kiezen die het beste harmoniëren met je persoonlijkheid en kwaliteiten. Je moet daarbij niettemin proefondervindelijk te werk gaan.
De Goldilocks regel stelt dat mensen top motivatie ervaren als ze aan taken werken die op de scheidslijn van hun kunnen liggen, niet te moeilijk en niet te makkelijk; het midden tussen verveling en bezorgdheid. Om die toestand van bevlogenheid te realiseren dient een taak ongeveer vier procent boven het actuele kunnen te liggen.

Gedrag moet ‘nieuw’ blijven om aantrekkelijk te zijn en voldoening te blijven geven. Als er geen variatie is, gaan we ons vervelen. En verveling is misschien wel de grootste kwelgeest op de weg naar zelfverbetering. De enige manier om tops te worden, is om eindeloos gefascineerd te raken door hetzelfde en steeds te blijven oefenen. Meesterschap vergt oefening. Maar hoe meer je iets oefent, hoe meer routinematig het wordt en verveling geeft. Veel van de meest gewoontevormende producten zijn degene die steeds weer variatie bieden, zoals video games. Variabele beloningen zijn een manier om verveling op te heffen of te verminderen. Dit is het meest effectief op 50/50, het midden tussen succes en mislukking.
Gewoontes zijn de basis voor meesterschap. Ze zijn er noodzakelijk voor, maar niet voldoende. Daar heb je een combinatie voor nodig van automatische gewoontes en overwogen oefening. Het is een cyclus. Meesterschap vereist dat je progressief lagen van verbetering op elkaar stapelt, iedere gewoonte bouwend op de laatste totdat een nieuw prestatieniveau bereikt is en een hogere range van kunnen geïnternaliseerd is.
Je dient je gewoontes te herzien, periodiek eventueel, en dat hoeft niet complex te zijn. De herziening kan perspectief opleveren, bijvoorbeeld dat je je teveel met details bezig houdt. Je dient ook je identiteit erbij te betrekken. Als identiteit tegen je werkt kan het een soort trots of chauvinisme oproepen die je belemmert in je verdere groei. Dat is één van de nadelen van gewoontevorming. Het leven verandert voortdurend en je dient na te gaan of je oude gewoontes en overtuigingen nog dienstbaar zijn. Een gebrek aan zelfbewustzijn is giftig. Het tegengif is nadenken en bezinnen. Maak van één aspect van je identiteit geen overheersend deel van wie je bent. Hoe strakker we aan een identiteit vasthouden, hoe moeilijker het wordt om er bovenuit te groeien.
Alles bij elkaar is dit een uitzonderlijk rijk boek, aan inzichten en aan adviezen om goede gewoontes aan te leren en slechte af te leren. Een deugdenthousiasteling kan er zich ook aan te goed doen. Het is waarschijnlijk bijzonder effectief voor de kunst van zelfbeheersing. Het komt goed van pas om de goede voornemens voor het nieuwe jaar succesvol gestalte te geven.
Op de website vind je onder ‘Literatuur – excerpten’ een uitgebreider verslag. Het beste nog is het boek zelf te raadplegen, in het Engels of in het Nederlands).

Gracián. Betrouwbare informatie.

             

In een groeiende cultuur van nepnieuws!

Wij zijn in ons leven voornamelijk afhankelijk van wat wij van anderen horen en voor een klein deel van wat wij zelf waarnemen: wij bestaan op goed vertrouwen. Het oor is de zijdeur van de waarheid, maar de hoofddeur van de leugen. De waarheid wordt meestal gezien, maar sporadisch gehoord: zij bereikt ons zelden ongeschonden, vooral als zij van ver komt, en is altijd aangetast door de gemoedstoestand van degenen die haar overbrachten. De emoties kleuren haar naar believen bij, haar nu eens lelijk dan weer mooi afschilderend, altijd met de bedoeling ons oordeel te beïnvloeden. Al onze aandacht dient zich er daarom op te richten de bedoeling van onze zegslieden te ontdekken en van tevoren te weten te komen wat hun zwakke plekken zijn. Ga bij uzelf te rade en gebruik uw verstand om de valse of de te lichte munt te keuren.

Mensen deugen

                    

Begin van dit jaar kreeg Rutger Bregman veel publiciteit vanwege zijn optreden in het World Economic Forum en op Amerikaanse tv-zenders. Hij kwam ook sterk in de belangstelling in Nederland. Hij heeft boeken geschreven over uiteenlopende onderwerpen, maar de publiciteit dit jaar ging vooral over het basisinkomen, het toekennen van een inkomen aan iedereen in de samenleving zonder voorwaarden vooraf zoals dat gebeurt bij sociale uitkeringen. Volgens Bregman zijn internationale ervaringen (onder meer in Canada, Zweden, Kenya, Verenigde Staten) positief en heeft deze benadering groot potentieel voor onze samenlevingen. Het laatste is er nog niet over gezegd. Er zijn nu evenveel uitgesproken voor- als tegenstanders voor een stelsel met een basisinkomen, blijkt een onderzoek door I &O Research in opdracht van de Vereniging van het Basisinkomen.
Uit zijn publicaties en optredens blijkt Bregman een positief mens te zijn. Hij heeft dat recentelijk bewezen door de publicatie van zijn boek ‘De meeste mensen deugen’. Met de ondertitel ‘een nieuwe geschiedenis van de mens’. Het is een verademing om dat boek te lezen. Niet alleen omdat het makkelijk leest, maar omdat het zo begripvol en positief tegenover de maatschappij en de mensheid staat. Bregman heeft er indrukwekkende ambities mee. Hij wil de negatieve houding die er in grote mate bestaat onder de mensen ten aanzien van anderen omzetten in een begripvolle, positieve benadering. Die zou het maatschappelijke leven makkelijker en plezieriger maken en negatieve frictie vervangen door samenwerking.

In hoofdstuk 1 ‘een nieuw realisme’ stelt Bregman dat het levensveranderend medicijn waardoor je nooit meer op dezelfde manier naar de wereld kijkt, het idee is dat mensen deugen. Dat mensen van nature egoïstisch, paniekerig en agressief zijn, is een hardnekkige mythe. Het is een gevolg van de vernistheorie, het idee dat we wrede, zelfzuchtige bullebakken zijn met een laagje beschaving erover. Veel van de negatieve verhalen die de ronde doen over het gedrag van mensen bij rampen en incidenten blijken bij nader onderzoek onwaar te zijn. Ze zijn opgesteld en gepromoot door personen en instanties die wel willen varen bij het maken van sensatie en zwartmakerij. Bregman stelt op grond van zijn onderzoeken dat in noodgevallen het beste in mensen naar boven komt. Dit heeft te maken met het effect van de zichzelf vervullende profetie. Wat we geloven is wat we worden. Wat we zoeken is wat we vinden. Wat we voorspellen is wat gebeurt. Als we geloven dat de meeste mensen niet deugen, gaan we elkaar zo behandelen. Dan halen we het slechtste in elkaar naar boven. Bregman beweert niet dat we van nature goed zijn. Mensen zegt hij zijn geen engelen. We hebben een goed been en een slecht been, de vraag is welk been we trainen. Hij draagt een grote hoeveelheid wetenschappelijk bewijs aan waaruit blijkt dat een positiever mensbeeld realistisch is. Tegelijkertijd denkt hij dat het nog realistischer kan worden als we erin gaan geloven!
Als een belangrijke oorzaak van ons zwarte mensbeeld, wijst Bregman naar één van de grootste verslavingen van onze tijd: het nieuws als verslaggeving over recente, incidentele en sensationele gebeurtenissen. Er zijn tientallen studies die uitwijzen dat het nieuws je mentale gezondheid schaadt. Het nieuws gaat niet over het onderliggende goede nieuws van verbetering en vooruitgang maar over aanslag, geweld en rampen. Hoe uitzonderlijker een gebeurtenis, hoe nieuwswaardiger ze wordt. Er zijn twee simpele redenen waarom mensen zo vatbaar zijn voor de somberheid van het nieuws. De eerste is wat psychologen de ‘negativity bias’ noemen, het feit dat we nu eenmaal gevoeliger voor het slechte dan voor het goede zijn. In de tweede plaats hebben we last van ‘availability bias’, als mensen ergens makkelijk een voorbeeld van kunnen noemen, dan denken ze dat dit vaker voorkomt.
Alvorens een positievere kijk op mens en maatschappij te adopteren, geeft Bregman drie waarschuwingen. Ten eerste wie het opneemt voor de mens neemt het op tegen een hydra, dat mythologische monster met zeven koppen, die, als Hercules er één van afsloeg, dubbel terug groeiden. Ten tweede, wie het opneemt voor de mens, neemt het ook op tegen de machtigen der aarde . Voor hen is een hoopvol mensbeeld ronduit bedreigend. Het impliceert immers dat we geen egoïstische dieren zijn die van boven af moeten worden gecontroleerd, gereguleerd en gedresseerd. Tot slot, wie het opneemt voor de mens zal om de haverklap worden beschot en beschimpt. Je zou naïef en onnozel zijn!
Rutger zegt dat het tijd is voor een nieuw mensbeeld, voor een nieuw realisme. Hij staaft dat met een veelheid aan wetenschappelijke bewijzen. Dit boek is van belang voor ieder die in een goede wereld en goede mensheid gelooft en wil zien hoe je dat het beste kunt maken.
In de Epiloog van het boek staan ‘Tien leefregels’, als volgt

  • Bij twijfel, ga uit van het goede
  • Denk in win-win scenarios
  • Verbeter de wereld, maar stel een vraag naar wat de betrokkene zelf wil
  • Temper je empathie (gevoel), train je compassie (actie)
  • Probeer de ander te begrijpen, ook als je geen begrip hebt
  • Heb je naaste lief, gelijk ook anderen hun naasten lief hebben
  • Vermijdt het nieuws; het geeft een verwrongen beeld
  • Steek een hand uit naar je mogelijke vijand
  • Kom uit de kast, schaam je niet voor het goede
  • Wees realistisch, niet cynisch

compassie kiezen

Het moet duidelijk zijn dat deze website, in zijn publicaties en blogs, een positief, optimistisch wereldbeeld leeft. We juichen de publicatie van ‘De meeste mensen deugen’ dan ook van harte toe. Wat goed dat er steeds meer geluiden komen voor een waarachtig, positief wereldbeeld.
Zoals Bregman zijn boek besluit: ’Het is tijd voor een nieuw mensbeeld. Het is tijd voor een nieuw realisme’.

Blog 138. Gracián. Met iedereen kunnen omgaan

                 

Men moet wijs zijn als Proteus*: geleerd met de geleerden, vroom met de vromen. Dit is een uitstekend middel om iedereen voor u in te nemen, omdat overeenkomst sympathie wekt. Men dient ieders instelling na te gaan en zich daaraan aan te passen: al naar de wind waait bedachtzaam of luchthartig zijn en weloverwogen van gedaante wisselen. Dit aanpassingsvermogen is van groot belang voor een politiek leider, en wordt gemakkelijker verworven als men veelzijdig ontwikkeld is en vertrouwd met alle gewoonten en smaken.

Vlotte omgang met elkaar

*De God Proteus, een gunsteling van Poseidon, kon verschillende gedaanten aannemen om te ontsnappen aan degenen die hem ketenden.

Deugdvorming met gamification?

deugden zijn superb gedrag

Sinds enige tijd hebben we ons afgevraagd of naast de traditionele methoden van deugdvorming de moderne media niet een gelegenheid bieden om de deugdvorming een impuls te geven. We vermoeden van wel en zijn in dat geloof gesterkt onder meer door het boek en de website ‘Superbetter’ van Jane McGonigal. We hebben die eerder in deze blogs besproken (blogs 104 – 111).
We hebben sindsdien gamification uitgebreider bestudeerd en hebben voorlopige ideeën ontwikkeld hoe dat in ons programma toegepast zou kunnen worden. We hebben die ideeën vastgelegd in een rapport van een zestigtal pagina’s onder de titel ‘het paradijsspel’. Dat plaatsen we onder ‘verwante artikelen’ op deze site. Dit is slechts het begin. We gaan er verder aan werken en hebben het volste vertrouwen dat daar iets goeds uit gaat komen. Mocht u na het lezen van het rapport suggesties hebben, stuur die dan naar: a.h.j.vissers@kpnplanet.nl.

Gracián. Niet voortdurend schertsen

Het verstand kenmerkt zich door ernst, die hoger wordt aangeslagen dan geestigheid,. Wie altijd grapjes maakt, wordt niet ernstig genomen. Men behandelt hem hetzelfde als iemand die liegt: men gelooft hem niet op zijn woord. De een wordt gewantrouwd om zijn leugens, de ander om zijn grappen. Men weet bij hen nooit wanneer hun verstand spreekt, wat erop neerkomt dat men hun dat niet toekent. Niets is zo storend als voortdurende geestigheid. Het komt vaak voor dat iemand de naam verwerft een vlot prater te zijn, maar zijn reputatie van zinnigheid verliest. Er is niets tegen een grapje op zijn tijd, als men voor de rest maar ernstig is.