Can we be happier? Evidence and Ethics

Dit is de titel van een boek geschreven door Richard Layard. Afgelopen januari uitgekomen. En het is een schot in de roos! Zoals het tweede deel van de titel al suggereert is het geen oppervlakkig geschrift. Integendeel, dit is een doorwrocht stuk werk, met een brede kijk, heldere analyses en ondersteund door een rijkdom aan statistieken. Richard Layard is niet de eerste de beste wetenschapper. Hij is oprichter en oud-directeur van het Centre for Economic Performance van de London School of Economics, waaraan hij meer dan 50 jaar verbonden is geweest. Hij is co-redacteur van het jaarlijkse World Happiness Report. En belangrijk geweest in het Engelse politieke bestel op het vlak van fysieke en mentale gezondheid.
Het boek combineert benaderingen van positivisme in het algemeen, de positieve psychologie van Martin Seligman en altruïsme van Matthieu Ricard, onderwerpen en personen die regelmatig op onze website en blogs genoemd zijn. Die benaderingen zijn onderdeel van zijn beleidsvoorstel voor de nieuwe tijd.


Hij zegt dat er een wind van verandering door de maatschappij waait, waarbij gevoelens een belangrijkere plaats innemen. Er is een nieuwe vriendelijker cultuur in aantocht. Tot nu toe is er veel nadruk op persoonlijk succes geweest: goede punten, goede baan, goed inkomen en een aantrekkelijke partner. Die cultuur van het nastreven heeft ons veel goeds gebracht en het leven is voor velen in de westerse wereld beter dan het ooit geweest is. Maar die cultuur brengt ook een hoop stress met zich mee. Om de eenvoudige reden dat de dominante cultuur super-concurrerend is. Het toont succes altijd in vergelijking met anderen en dat is een ‘geen-winst-geen-verliessituatie

Een alternatieve, vriendelijker cultuur heeft een ander doel, die kan leiden tot een win-win resultaat. Die alternatieve cultuur zegt dat we uiteraard voor onszelf moeten zorgen, maar we moeten ook zoveel mogelijk gelukkig worden door bij te dragen aan het geluk van anderen. Concurrentie is prima voor organisaties onder elkaar, een motor voor vooruitgang, maar wat we voor individuen nodig hebben is voornamelijk samenwerking, geen concurrentie. Dit geeft betere resultaten voor iedereen en het maakt het leven stukken aangenamer. Het basisvoorstel in het boek is dat ieder van ons, in al onze keuzes, moet proberen het grootst mogelijke geluk te scheppen, en vooral, de kleinst mogelijke ellende.
Deze nobele visie, zegt hij, gaat niet in tegen de essentie van de menselijke natuur, want we hebben twee kanten, een egoïstische en een altruïstische.
Deze vriendelijker cultuur is er altijd geweest in de ene of andere vorm, bijvoorbeeld in de grote wereldreligies. Maar deze hebben in onze seculiere wereld hun overtuigingskracht verloren. De leegte die daar door geschapen is, is, door gebrek aan beter, opgevuld door egocentrisme. Jonge mensen is verteld dat ze voor zichzelf moeten zien op te komen, met als gevolg dat bezorgdheid en depressie sterkt toegenomen is onder jongeren.
Mensen dienen buiten zichzelf te treden, om uit de ellende van zelf-absorptie te geraken. Er dient een nieuwe seculiere ethiek te komen, die gebaseerd is op menselijke behoeftes. Een seculiere ethiek is ook essentieel als onze democratieën moeten gedijen, want er is massale ontevredenheid met de huidige elites, evenals met de atomistische, neoliberale filosofie die hun meestal eigen is. Er zijn drie elementen achter de verandering die nu onderweg is. Ten eerste, seculiere ethiek, met als kern het Principe van het Geluk. Ten tweede hebben we nu de wetenschap van het geluk, die betrouwbare informatie geeft over hoe je een gelukkiger maatschappij kunt vormen. Ten derde zijn er nieuwe, effectieve technieken van geestelijke vorming (mind-training) die ieder van ons in staat stellen onze geestelijke conditie te verbeteren. Denk aan de positieve psychologie en eeuwenoude Oosterse meditatie technieken, waar miljoenen gebruik van maken. De hele maatschappij is zich de laatste tijd meer op geluk gaan oriënteren, zoals onder meer blijkt uit de inhoud van de media en veranderingen in levensstijl.
Terwijl deze ontwikkelingen in het eerste deel van het boek beschreven en becommentarieerd worden, geeft het tweede deel ideeën hoe ieder van een aantal functies aan de heroriëntatie kan bijdragen, zoals managers, economen, politici, leraren, etc.

Het boek geeft een positieve, ruime blik op de wereld van vandaag en is informatief en evenwichtig. Dit is een indrukwekkend werk, visionair en stimulerend; de bekroning, lijkt wel, van een lang werkzaam leven op dit terrein. Een frisse wind uit Groot-Brittannië, na Brexit.