Nooit klagen

                                 

Klagen schaadt altijd onze reputatie. Het prikkelt eerder tot boosaardigheid dan verlangen om te troosten. Het stelt de toehoorder in staat ons hetzelfde aan te doen; de kennis van de eerdere belediging geldt als een verontschuldiging voor een volgende. Sommige mensen effenen door klagen over hun aangedaan onrecht de weg voor nieuw onrecht, en hun zoeken naar hulp of troost wekt leedvermaak en zelfs minachting op. Het is een betere tactiek tegenover de een de diensten te roemen die de ander ons heeft bewezen, teneinde ook hem ertoe aan te sporen. Door het herhaaldelijk vermelden van wat de afwezigen voor ons deden, prikkelen wij de aanwezigen ons eveneens ter wille te zijn. Zo verkopen wij de een de gunst, waarin wij bij de ander staan. Een verstandig man zal nooit mislukkingen of fouten bekendmaken, maar wel de waardering die hij geniet: zo behoudt hij zijn vrienden en bedwingt hij zijn vijanden.