Niet altijd met tegenwerpingen komen (Gracián)



Door stelselmatige tegenspraak krijgen wij de naam dwaas en onaangenaam te zijn. Ons gezond verstand moet ons voor die zucht behoeden. Het kan weliswaar van vindingrijkheid getuigen overal bezwaren tegen te ontdekken, maar wie dit aanhoudend doet, toont dat het hem aan verstand ontbreekt. Zulke mensen maken van het prettigste gesprek een kleine oorlog, en zijn daardoor meer de vijanden van hun vrienden dan van de buitenwereld. In de zachtste hapjes voelt men het best de graat die erin steekt; dezelfde uitwerking heeft tegenspraak tijdens genoeglijke gesprekken. Dergelijke mensen zijn schadelijke dwazen, die grofheid aan domheid paren.